NIP

Uitspraken 2021 College van Toezicht

De geanonimiseerde uitspraken gedaan door het College van Toezicht in het jaar 2021.

Uitspraak 21/28 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat hij ten onrechte in de brief aan de huisarts heeft vermeld dat de behandeling in onderling overleg werd beëindigd en dat hij haar onzorgvuldig heeft bejegend. Daarnaast heeft hij zonder toestemming informatie over haar gedeeld met een andere psycholoog.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd en heeft erkend dat hij zonder toestemming informatie heeft gedeeld. Hij heeft klaagster hiervoor zijn excuses aangeboden.
Het College is van oordeel dat de passage waarover wordt geklaagd niet meer in de brief aan de huisarts was opgenomen, waarmee de vraag of die tekst juist was, niet langer relevant is.
Dat de psycholoog klaagster onjuist heeft bejegend is, tegenover de betwisting van de psycholoog, niet vast komen te staan.
De psycholoog heeft daarnaast inderdaad in strijd met artikel 71 van de Beroepscode informatie over klaagster gedeeld maar dit is uitgebreid tussen partijen besproken waarna klaagster de excuses van de psycholoog heeft aanvaard en weer bij hem in behandeling is gegaan. De psycholoog mocht er van uitgaan dat het daarmee was afgehandeld.
Klacht ongegrond.
Datum uitspraak CvT: 10 november 2021

Uitspraak 21/10 CvT

Klaagster, moeder van een zoon en tevens klagend namens de zoon, verwijt de psycholoog dat hij op verzoek van vader onjuiste rapportage heeft uitgebracht waarin hij zonder toestemming te vragen informatie over haar en de zoon heeft verwerkt terwijl hij hen nooit heeft ontmoet. Tevens heeft de psycholoog onjuiste suggesties gewekt over de bijdrage aan de rapportage van drie oud-hulpverleners en heeft hij vader ten onrecht op de hoogte gesteld van deze klacht.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College oordeelt dat de klacht namens de zoon niet in behandeling wordt genomen omdat vader als mede gezaghebbend ouder niet instemde met dit deel van de door klaagster ingediende klacht.
Op de overgebleven klachtonderdelen oordeelt het College dat de psycholoog zich ten onrechte heeft opgesteld als door de rechtbank benoemde deskundige. In de beschikking van de rechtbank was alleen een persoonlijkheidsonderzoek en behandeling van vader genoemd. De psycholoog heeft zich daartoe onvoldoende beperkt, heeft daardoor de grenzen van zijn eigen deskundigheid overschreden en heeft zich te vergaand geïdentificeerd met zijn cliënt.
Daarbij heeft de psycholoog geen geschikte methode van onderzoek gebruikt en de gronden waarop de bevindingen en conclusies in het rapport berusten niet duidelijk dan wel onjuist vermeld.
Ten slotte acht het College de werkwijze van de psycholoog onzorgvuldig om actief contact over deze klacht te zoeken met vader.
Artikelen 15, 25, 28, 41, 96, 97 en 103 van de Beroepscode overtreden.
Klacht gegrond, berisping.
Datum uitspraak CvT: 10 november 2021

Uitspraak 21/29 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog handelend als deskundige onder meer dat zij een onjuist rapport heeft opgesteld waaruit blijkt dat zij rigide opvattingen heeft over gelijkwaardig ouderschap en het recht van kinderen op (onbegeleid) contact met beide ouders. Actuele inzichten over huiselijk geweld zijn onvoldoende in aanmerking genomen.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht heeft geoordeeld dat de psycholoog een rapportage heeft opgesteld die voldoet aan artikel 97 van de Beroepscode.
Daarnaast is niet vast komen te staan dat de psycholoog bij klaagster de schijn hebben zou gewekt dat zij altijd een beroep op het blokkeringsrecht zou kunnen doen.
Wel had de psycholoog maatregelen moeten nemen om te voorkomen dat misbruik van de rapportage zou worden gemaakt. Nu de psycholoog de ouders wel een verklaring heeft laten tekenen waarin is opgenomen dat zij geen contact zoeken met de media, zal het College aan de gegrondverklaring van dit subonderdeel van de klacht geen maatregel verbinden.
Artikel 28 van de Beroepscode overtreden.
Klacht in zoverre gegrond, geen maatregel opgelegd.
Datum uitspraak CvT: 10 november 2021

Uitspraak 21/07 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog onder meer dat zij na een selectie-assessment een niet empathisch rapport heeft opgesteld zonder onderbouwing. Het zit klager met name dwars dat hij daarin door de psycholoog rigide en bevooroordeeld wordt genoemd.
De psycholoog heeft de klacht gemotiveerd betwist.
Het College van Toezicht is van oordeel dat de psycholoog niet geheel conform artikel 97 van de Beroepscode heeft gehandeld. Zij heeft onvoldoende verwezen naar de bronnen waarop zij haar conclusies heeft gebaseerd. De assessmentpsycholoog dient zich daarnaast te allen tijde bewust te zijn van het feit dat hij uitspraken doet die niet te absoluut zijn omdat het verrichte onderzoek slechts de kans voorspelt op bepaald gedrag.
Alles afwegend komt het College tot de slotsom dat het rapport inzichtelijker had gekund en de woordkeuze anders. Maar omdat de psycholoog ter zitting blijk heeft gegeven van kritische bezinning op haar handelen, wordt de klacht niet gegrond verklaard.
Klacht ongegrond.
Datum uitspraak CvT: 10 november 2021

Uitspraak 21/05 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat zij zonder gerichte toestemming de gezinsvoogd te woord heeft gestaan, klaagster heeft behandeld zonder informed consent en de behandeling, anders dan de psycholoog beweert, niet met positief resultaat is afgesloten.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht heeft geoordeeld dat de psycholoog klaagster vooraf in algemene zin had moeten inlichten over haar uit artikel 7.3.11 lid 4 Jw voortvloeiende spreekplicht.
Niet vast is komen te staan dat de psycholoog heeft behandeld zonder informed consent terwijl evenmin is gebleken dat de psycholoog te rooskleurig heeft gerapporteerd.
Artikel 75 en 76 van de Beroepscode overtreden.
Klacht gegrond, waarschuwing.
Datum uitspraak CvT: 6 oktober 2021

Uitspraak 20/16 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat het door haar uitgevoerde onderzoek en de gezinsinterventie onzorgvuldig zijn geweest en dat zij slechts op grond van haar (onjuiste) visie heeft geadviseerd. Dit heeft er toe geleid dat haar kinderen na dertien jaar gelukkig bij haar te hebben gewoond zijn weggerukt uit hun vertrouwde omgeving en bij vader zijn geplaatst.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht heeft overwogen dat de klacht deels gegrond is.
De psycholoog heeft haar conclusies te weinig onderbouwd en evenmin aangegeven wat de beperkingen daarvan zijn. Daardoor is het rapport te eenzijdig en de conclusies te weinig geobjectiveerd. Voorts heeft vermenging van rollen van adviseur, helper van het cliëntsysteem en adviseur van Jeugdzorg en de rechtbank plaatsgevonden. Ook heeft de psycholoog de kinderen onvoldoende begeleid bij de uithuisplaatsing bij vader.
Artikelen 97, 41, 15 en 51 van de Beroepscode geschonden.
Klacht gegrond, waarschuwing.
Datum uitspraak CvT: 6 oktober 2021

Uitspraak 20/30 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat haar zorgvraag is genegeerd en zij niet wist wat het behandelplan inhield. Daarnaast was zij regelmatig te laat was bij aanvang van de sessies en heeft zij ten onrechte werkzaamheden van de stagiaire gedeclareerd bij de zorgverzekeraar van klaagster.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht heeft geoordeeld dat het aan een heldere probleemanalyse van de hulpvraag van klaagster heeft ontbroken. Daarnaast heeft verweerster de behandeldoelen met klaagster onvoldoende geëvalueerd. Het College adviseert verweerster voorts transparanter en direct bij aanvang over iets later aangevangen sessies te communiceren.
Het College overweegt ten slotte dat het geen oordeel kan geven over de juistheid van de declaratie, nu dit niet tot de bevoegdheden van het College behoort.
Artikel 62, 63 en 15 van de Beroepscode overtreden.
Klacht gegrond, waarschuwing.
Datum uitspraak CvT: 8 september 2021

Uitspraak 21/18 CvT

Klagers, pleegouders, verwijten de psycholoog dat zij in opdracht van het Gerechtshof als deskundige een rapport heeft opgesteld terwijl zij niet voldoende onafhankelijk was, zij haar advies niet heeft geverifieerd op haalbaarheid bij klagers, het rapport op zichzelf onder de maat was en zij dit niet heeft bijgesteld toen betrokken professionals zich kritisch hierover uitlieten.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht heeft geoordeeld dat er geen voldoende objectiveerbare gronden bestaan om aan de neutraliteit van de psycholoog te twijfelen. Het advies tot wegplaatsing mocht ook zonder de haalbaarheid bij klagers te verifiëren gegeven worden. Evenmin is gebleken dat de rapportage van de psycholoog niet aan de vereisten van artikel 97 van de Beroepscode voldoet. Ten slotte was de psycholoog niet verplicht de inhoud van haar advies bij te stellen.
Klacht ongegrond.
Datum uitspraak CvT: 8 september 2021

Uitspraak 21/01 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog bij wie zij een coaching heeft gevolgd, dat zij haar ontving in een onprofessioneel ingerichte, rommelige ruimte.
Daarnaast heeft klaagster diverse inhoudelijke bezwaren tegen de manier waarop de psycholoog de coaching heeft uitgevoerd naar voren gebracht.
Tenslotte klaagt zij over de manier waarop de psycholoog met haar bezwaren is omgegaan.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht heeft geoordeeld dat niet kan worden vastgesteld dat hetgeen klaagster naar voren heeft gebracht juist is, nu de psycholoog klaagsters stellingen gemotiveerd heeft weersproken.
De klacht wordt gelet daarop ongegrond verklaard.
Wel heeft het College de psycholoog met klem in overweging gegeven om zodanige maatregelen te nemen dat haar beroepsethisch handelen voldoet aan de standaard die voor leden van de vereniging in de Beroepscode is neergelegd. Daartoe zou de psycholoog op zijn minst op regelmatige basis moeten deelnemen aan intervisie-bijeenkomsten, waartoe zij zich ter zitting bereid heeft verklaard. Aanleiding voor deze aanbeveling van het College is onder meer dat vraagtekens worden geplaatst bij het wetenschappelijke gehalte van de werkwijze van de psycholoog.
Klacht ongegrond.
Datum uitspraak CvT: 18 augustus 2021

Uitspraak 21/17 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog, als vertrouwenspersoon verbonden aan de universiteit waar klaagster werkzaam was, dat zij geen empathie toonde toen klaagster zich tot haar wendde naar aanleiding van problemen die zij in haar werksituatie ondervond.
De psycholoog stelt zich op het standpunt dat klaagster niet-ontvankelijk is in haar klacht.
Het College van Toezicht heeft geoordeeld dat niet is voldaan aan de definitie van beroepsmatig handelen in de zin van artikel 1.2 van de Beroepscode, nu klaagster niet heeft aangetoond dat de psycholoog haar op een andere wijze heeft geholpen dan in de rol van vertrouwenspersoon. Het College heeft niet kunnen constateren dat de psycholoog zich tegenover klaagster als psycholoog heeft gepresenteerd.
Klaagster is niet-ontvankelijk in haar klacht.
Datum uitspraak CvT: 18 augustus 2021

Uitspraak 21/02 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat hij een relatie met haar is aangegaan terwijl zij zich in een kwetsbare en ongelijkwaardige positie bevond.
De psycholoog heeft de klacht erkend.
Het College is van oordeel dat de psycholoog onzorgvuldig heeft gehandeld door zeer kort na het einde van de behandelrelatie klaagster bij hem thuis uit te nodigen waarna een affectieve relatie is ontstaan.
Artikel III.2.3.8/55 van de Beroepscode 2007/2015 overtreden.
Klacht gegrond, waarschuwing
Datum uitspraak CvT: 21 juli 2021

Uitspraak 21/03 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog onder meer dat hij onvoldoende actie heeft ondernomen als supervisor van haar behandelaar-masterpsycholoog en later als haar eigen behandelaar op (het beginnen van) de relatie tussen haar en de (bij hem werkzame) masterpsycholoog.
Daarnaast verwijt zij de psycholoog dat hij hen relatietherapie is gaan geven waardoor zij zich klem voelde zitten, zij onder verschillende diagnoses in behandeling is geweest en zij geen kopie van haar dossier heeft gekregen.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College is van oordeel dat de klacht in al zijn klachtonderdelen gegrond is.
De psycholoog heeft onvoldoende de regie gevoerd, had geen relatietherapie moeten beginnen omdat hij in zijn rollen als werkgever en behandelaar beroepsmatig niet meer objectief jegens klaagster kon optreden. Daarnaast had de psycholoog klaagster eerder dienen te verwijzen en heeft er geen gestructureerd en in samenspraak tot stand gekomen behandelplan aan de behandeling ten grondslag gelegen. Ten slotte had de psycholoog klaagster een kopie van haar behandeldossier moeten geven.
Artikelen III.1.5.3, III.4.1.2, III.2.3.4/51, III.2.3.5/52, III.2.1.1, III.4.3.2/103 en 67 van de Beroepcodes 2007/2015 overtreden.
Klacht gegrond, berisping.
Datum uitspraak CvT: 21 juli 2021

Uitspraak 20/27 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat zij op ridicule wijze potentiële cliënten benadert en daarmee handelt in strijd met de regels van de stichting reclamecode.
De psycholoog heeft de klacht gemotiveerd betwist.
Het College is van oordeel dat de psycholoog door de mail te verzenden als zij heeft gedaan de grenzen van haar eigen deskundigheid heeft overtreden en niet zorgvuldig heeft gehandeld.
Bovendien heeft ze door bezoekers van haar website geen opt-out te bieden artikel 99 van de Beroepscode overtreden.
Artikelen 15, 99, 103 en 106 van de Beroepscode overtreden.
Klacht gegrond, waarschuwing
Datum uitspraak CvT: 23 juni 2021

Uitspraak 20/31 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat de diagnose en gebruikte behandelmethode niet juist waren, dat haar zelfmoordplannen onvoldoende zijn besproken, dat zij recht had op een second opinion en dat de psycholoog op haar verzoek geen verklaringen heeft willen opstellen.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College is van oordeel dat niet is gebleken dat de diagnose en de behandeling op onzorgvuldige wijze tot stand zijn gekomen. Voorts kan niet vastgesteld worden of de zelfmoordplannen wel of niet serieus zijn genomen bij gebrek aan feitelijke grondslag. Dat klaagster zonder nadere voorwaarden recht had op een second opinion is evenmin vast komen te staan. Ten slotte heeft de psycholoog op grond van de NIP richtlijn terecht geweigerd verklaringen voor klaagster op te stellen nu daarmee een juridisch en materieel belang was gemoeid.
Klacht ongegrond.
Datum uitspraak CvT: 23 juni 2021

Uitspraak 20/13 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat zij haar gedurende het behandeltraject van haar kinderen niet correct heeft behandeld en de kinderen plotseling heeft doorverwezen.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College is van oordeel dat de klacht voldoende is weersproken en daarmee niet vast is komen te staan. Wat betreft de doorverwijzing is een misverstand ontstaan waar de psycholoog voldoende transparant over heeft gecommuniceerd. Bij dit oordeel speelt mee dat er al een klachtenprocedure is geweest en dat klaagster aan het College niet duidelijk heeft kunnen maken wat de klacht nu nog anders maakt.
Klacht ongegrond
Datum uitspraak CvT: 23 juni 2021

Uitspraak 21/04 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat zij zich niet bekend heeft willen maken als behandelend psycholoog van haar tante, haar tante de mogelijkheid heeft ontnomen een second opinion op te laten stellen en haar tante overstuur heeft gemaakt.
De psycholoog heeft op het verzoek van het College geen verweer gevoerd omdat eerst onderzocht moet worden of de klacht in behandeling kan worden genomen.
Het College van Toezicht heeft geoordeeld dat de thans ingediende klacht gelijkluidend is aan twee eerdere door klaagster ingediende klachten en heeft de klacht daarom niet in behandeling genomen (artikel 2.1.5 RvT).
Datum uitspraak CvT: 19 mei 2021
Uitspraak CvB 2021/07 (CvT 21/04)
Het College van Beroep verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beslissing van het College van Toezicht.
Datum uitspraak CvB: 26 januari 2022

Uitspraak 20/22 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog onder meer dat hij zonder haar toestemming onjuiste informatie aan haar huisarts heeft gestuurd en dat hij niet beschikt over een klachtenfunctionaris.
De psycholoog heeft de klacht deels erkend en heeft deels gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht is van oordeel dat de psycholoog inderdaad toestemming aan klaagster had moeten vragen voordat hij het rapport aan de huisarts verzond.
Daarnaast is de psycholoog ingevolge de Wkkgz verplicht zich bij een klachtenfunctionaris en geschillencommissie aan te sluiten.
Artikel 89 en 99 van de Beroepscode overtreden.
Klacht gegrond, waarschuwing.
Datum uitspraak CvT: 19 mei 2021

Uitspraak 20/25 CvT

Klaagster, tante van cliënte, verwijt de psycholoog dat zij de hulpverlening aan haar nichtje op onzorgvuldige wijze heeft beëindigd.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht is van oordeel dat de psycholoog de continuïteit van de professionele relatie onvoldoende heeft gewaarborgd.
Artikel 19 van de Beroepscode overtreden.
Klacht gegrond, geen maatregel opgelegd.
Datum uitspraak CvT: 19 mei 2021

Uitspraak 20/26 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat zij in gebreke is gebleven een gesprek te voeren over een door klaagster bij de praktijk ingediende klacht.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht is van oordeel dat klaagster de klacht te vroeg heeft ingediend aangezien na indiening daarvan nog een gesprek tussen partijen heeft plaatsgevonden.
Klacht ongegrond.
Datum uitspraak CvT: 14 april 2021

Uitspraak 21/06 CvT

Klaagster, als advocaat optredend in een complexe echtscheidingszaak, verwijt de psycholoog dat zij een rapport heeft geschreven waarbij twee jeugdigen zijn betrokken die de psycholoog nog nooit heeft gezien. Op grond van dit rapport zijn de kinderen volgens klaagster uit huis geplaatst.
Het College van Toezicht heeft geoordeeld dat klaagster niet ontvankelijk is in de klacht omdat zij als advocaat geen betrokkene is bij het beroepsmatig handelen van de psycholoog in de zin van artikel 1.2 van de Beroepscode.
Klacht niet ontvankelijk verklaard.
Datum uitspraak CvT: 14 april 2021

Uitspraak 20/19 CvT

Klagers, moeder en grootouders van een zoon, verwijten de psycholoog, optredend als bijzonder curator, dat zij een diagnostisch oordeel over klagers heeft gegeven, rollen heeft vermengd en de rechter heeft geadviseerd de zoon weg te halen uit zijn vertrouwde omgeving door moeder het ouderlijk gezag te ontnemen.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht oordeelt dat geen diagnostisch oordeel is gegeven en evenmin rollen zijn vermengd. Daarbij komt dat het advies onder voorbehoud is gegeven waarmee de psycholoog in voldoende mate rekening heeft gehouden met de belangen van de zoon.
Klacht ongegrond.
Datum uitspraak CvT: 14 april 2021

Uitspraak 20/20 CvT

Klaagster, mede optredend namens haar dochter, verwijt de psycholoog dat zij informatie aan de jeugdbeschermer heeft verstrekt zonder overleg, de doelstellingen van de therapie eenzijdig heeft gewijzigd en informatie over de dochter met vader heeft gedeeld terwijl zij daartegen bezwaar had gemaakt.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht oordeelt dat de psycholoog de ouders en de dochter vooraf niet heeft ingelicht over door haar aan de jeugdbeschermer te verstrekken gegevens.
Niet gebleken is dat de psycholoog het behandelplan eenzijdig heeft gewijzigd. Ten slotte levert de informatie die de psycholoog aan verweerder heeft verstrekt geen schending van het beroepsgeheim op aangezien die zeer algemeen is verwoord.
Klacht deels gegrond, geen maatregel opgelegd.
Datum uitspraak CvT: 14 april 2021

Uitspraak 20/09 CvT

Klager, vader van een dochter, verwijt de psycholoog dat zij de pedofiele neigingen van de stiefvader van zijn ex-partner niet in haar rapport heeft vermeld, aan haar toegezonden stukken niet heeft betrokken in het onderzoek en e-mails aan hem versleuteld had moeten verzenden.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht oordeelt dat bij ouderschapsonderzoek geen waarheidsvinding wordt gedaan en dat verweerster niet verplicht was onderzoek te doen naar de beschuldiging van pedofilie.
Verweerster was als deskundige volgens de regels van het ouderschapsonderzoek evenmin verplicht de door klager via de mail aan haar verstrekte 50 bijlagen specifiek in de rapportage te verwerken.
Wel had verweerster ten einde zorgvuldig te communiceren de e-mails aan klager versleuteld en niet via gmail moeten verzenden.
Artikel 72 van de Beroepscode overtreden.
Klacht deels gegrond, geen maatregel opgelegd.
Datum uitspraak CvT: 17 maart 2021
Hoger beroep ingesteld.

Uitspraak 20/17 CvT

Klager, psycholoog, verwijt de psycholoog dat zij ongevalideerde interventies doet waarvoor zij de kwalificaties mist. Daarom dient zij uit het lidmaatschap van de vereniging te worden gezet.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College is van oordeel dat klager onvoldoende belang heeft bij de klacht. De klacht is immers eveneens door zijn cliënte tegen verweerster ingediend. Daarnaast heeft klager geweigerd met verweerster in overleg te treden in het kader van het door haar aangeboden overleg en daarmee artikel 34 van de Beroepscode overtreden.
Klacht niet ontvankelijk verklaard.
Datum uitspraak CvT: 17 maart 2021
Hoger beroep ingesteld.

Uitspraak 20/23 CvT

Klager verwijt de psycholoog dat zij niet kwam opdagen bij een video-call en hem en zijn partner heeft gedwongen fysiek aan de therapie deel te nemen terwijl er sprake was van een pandemie.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht oordeelt dat de stellingen van klager niet vast zijn komen te staan.
Klacht ongegrond.
Datum uitspraak CvT: 3 februari 2021
Uitspraak CvB 2021/05 (CvT 20/23)
Het College van Beroep verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beslissing van het College van Toezicht.
Datum uitspraak CvB: 19 januari 2022

Uitspraak 20/12 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog onder meer dat hij op ongestructureerde wijze gesprekken met haar heeft gevoerd, de behandeling plotseling heeft beëindigd en haar dossier te laat heeft toegestuurd.
De psycholoog heeft het late toesturen van het dossier erkend en voor het overige gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College oordeelt dat de psycholoog geen goede kwaliteit van zorg aan klaagster heeft verleend.
Daarnaast had hij het behandelcontact zorgvuldiger moeten afronden. Ten slotte heeft de psycholoog te lang gewacht met het toesturen van het dossier hoewel begrijpelijk is dat een eerste vertraging hierin vanwege Corona is opgelopen.
Artikelen 14, 15, 40, 67 en 101 van de Beroepscode overtreden.
Klacht gegrond, waarschuwing.
Datum uitspraak CvT: 3 februari 2021

Uitspraak 20/11 CvT

Klager verwijt de psycholoog dat zij klager voorafgaand aan het assessment onvolledig heeft geïnformeerd en dat zij klager ongelijk heeft behandeld door hem te onderwerpen aan een controle- en hertest.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht is van oordeel dat in de gegeven omstandigheden niet vast is komen te staan dat de psycholoog klager onvolledig heeft geïnformeerd. Wel wordt de psycholoog aangeraden dergelijke informatie voortaan bij voorkeur schriftelijk te verstrekken waarmee klachten als deze mogelijk worden voorkomen (artikel 63 van de Beroepscode).
Dat klager ongelijk is behandeld klopt volgens het College maar een dergelijke behandeling is gerechtvaardigd zo lang het inzetten van een controletest aselect gebeurt.
Klacht ongegrond verklaard.
Datum uitspraak CvT: 13 januari 2021

Uitspraak 20/10 CvT

Klaagster verwijt de psycholoog dat hij na relatiecoaching aan haar ex-partner wel een kopie van het dossier heeft verstrekt maar haar een kopie heeft geweigerd.
De psycholoog heeft gemotiveerd verweer gevoerd.
Het College van Toezicht oordeelt dat in geval van relatiecoaching de psycholoog een meervoudige cliëntrelatie met partijen aangaat en dat beide partijen in een dergelijk geval recht hebben op een afschrift van het dossier. Dat de ex-partner de kosten voor de coaching betaalde maakt dit niet anders.
Daarbij heeft de psycholoog onjuist gehandeld door de factuur voor de relatiecoaching op verzoek van de ex-partner op naam van zijn bedrijf te zetten, terwijl uit de aard der zaak duidelijk is dat kosten voor relatiecoaching geen zakelijke kosten zijn.
Ten slotte heeft de psycholoog onvoldoende kritisch nagedacht over zijn beroepsmatig handelen waarbij meespeelt dat hij werkzaam is in een solo-praktijk, vele vormen van verschillende hulpverlening aanbiedt en niet over een vorm van supervisie beschikt.
Artikelen 41, 99 en 98 van de Beroepscode overtreden
Klacht gegrond, berisping.
Datum uitspraak CvT: 13 januari 2021

Uitspraak 20/14 CvT

Klager verwijt de psycholoog dat zij op verzoek van zijn ex-partner in verband met een rechtszaak een brief heeft opgesteld en daarin uitspraken over klager heeft gedaan terwijl zij hem nooit heeft gezien.
De psycholoog heeft erkend dat zij voorzichtiger had moeten zijn met de tekst die zij heeft opgenomen in de brief maar dat zij anderzijds haar cliënte serieus wilde nemen in haar verzoek.
Het College van Toezicht oordeelt dat de psycholoog door haar te weinig zorgvuldige woordkeuze artikel 96 van de Beroepscode heeft overtreden. Het NIP raadt het psychologen in een advies uitdrukkelijk af in dergelijke gevallen rapportage op te stellen. Uiteraard kan de psycholoog er voor kiezen zich hieraan niet te houden. De rapportage dient dan echter zo feitelijk mogelijk en vrij van waardeoordelen te worden opgesteld. Dat is echter niet gebeurd.
Artikelen 96 van de Beroepscode overtreden.
Klacht gegrond, waarschuwing.
Datum uitspraak CvT: 13 januari 2021